Berekening van de warmteweerstand
Warmteweerstand houten kepers 60×160, h.o.h. 660 mm
Opbouw van de constructie: kepers met isolatie ertussen, afgewerkt met gipsplaat aan de onderkant en dakbeschot aan de bovenkant
λhout = 0,17 W/[mK]
Rhout = 0,16 m/0,17 {W/[mK]} = 0,94 m2K/W
de overgangsweerstand van de binnenlucht naar het materiaal = 0,13 m2K/W
de overgangsweerstand van de buitenlucht naar het materiaal = 0,04 m2K/W
R totaal = 1,11 m2K/W
Voor 160 mm glaswol (gebruikt u misschien een betere isolatie, vermeld dan welke isolatie, bv. λkunststofschuim = 0,025 W/[mK]) geldt dan
Rglaswol = 0,16 m/0,04 {W/[mK]} = 4 m2K/W
de overgangsweerstand van de binnenlucht naar het materiaal = 0,13 m2K/W
de overgangsweerstand van de buitenlucht naar het materiaal = 0,04 m2K/W
R totaal = 4,17 m2K/W
Voor de constructie geldt dan 1/R totaal, c(onstructie) = 0,9/4,17 +0,1/1,11} = 1/3,27 => Rc = 3,27 m2K/W
Voor kunststofschuim geldt
Rkunststof = 0,16 m/0,025 {W/[mK]} = 6,4 m2K/W
de overgangsweerstand van de binnenlucht naar het materiaal = 0,13 m2K/W
de overgangsweerstand van de buitenlucht naar het materiaal = 0,04 m2K/W
R totaal = 6,57 m2K/W
Voor de constructie geldt dan 1/R totaal, c = 0,9/6,57 +0,1/1,11} = 1/4,4 => Rc = 4,4 m2K/W
Aan de hoeken zijn deze waarden nog lager. De gipsplaat en het dakbeschot verhogen ze slechts minimaal. Daarom voldoet deze constructie niet, aangezien
sinds 2015 voor nieuwbouw in Nederland de volgende Rc-waarden gelden: – gevels Rc >= 4,5 m2K/W – dak Rc >= 6,0 m2K/W.
